Logo Contaxus

Blogartikel

Onbelaste vergoedingen en verstrekkingen in de coronacrisis

Het coronavirus heeft niet alleen gevolgen voor de gezondheid, maar ook voor de economie en de daarbij behorende banen. Veel werknemers werken thuis als gevolg van de ‘lockdown’, waardoor bij werkgevers de vraag opkomt wat aan de werknemers onbelast vergoed of verstrekt kan worden.

Verhoging van de vrije ruimte

De vrije ruimte, die werkgevers hebben om onbelaste vergoedingen te verstrekken, wordt in verband met de coronacrisis voor het jaar 2020 eenmalig verhoogd van 1,7% naar 3% over de eerste € 400.000 van de loonsom. Over het restant is 1,2% van de loonsom vrijgesteld.

Reiskosten

Tussen werkgevers en werknemers zijn vaak afspraken gemaakt over een vaste vergoeding voor de reiskosten woon-werk. Door de coronacrisis wordt zoveel mogelijk thuisgewerkt, waardoor er minder reiskosten zijn. Dit kan meebrengen dat een werkgever de vaste reiskostenvergoeding moet aanpassen of geheel of gedeeltelijk tot het loon moet rekenen. Het kabinet heeft besloten dat thuiswerken geen invloed heeft op de vaste reiskostenvergoeding. Zolang de crisismaatregelen gelden, mag de werkgever uitgaan van het reispatroon waarop de vergoeding is gebaseerd.

ICT-middelen

Tegenwoordig is het niet meer voorstelbaar dat de werknemer thuis werkzaamheden uitvoert zonder gebruik te maken van een laptop (of andere ICT-middelen). Het verstrekken van ICT-middelen is in principe aan te merken als voordeel uit dienstbetrekking en dus als loon wat dient te worden belast bij de werknemer. Echter, in het geval dat ICT-middelen dienen te worden aangeschaft i.v.m. het thuiswerken valt dit mogelijk onder een gerichte vrijstelling. Hierbij is van belang dat de vergoedingen/verstrekkingen naar het redelijk oordeel van de werkgever noodzakelijk moeten zijn voor de behoorlijke vervulling van de dienstbetrekking. De werknemer is hierbij verplicht tot teruggave van deze voorziening of vergoeding van de restwaarde zodra de voorziening niet meer noodzakelijk is, bijvoorbeeld doordat het niet langer noodzakelijk is om thuis te werken.

Werkplekvoorziening

De werkgever draagt op grond van de Arbeidsomstandighedenwet verantwoordelijkheid voor de thuiswerkplek. Er geldt een gerichte vrijstelling voor het vergoeden, verstrekken en/of ter beschikking stellen van zaken die tot doel hebben de werkomstandigheden van de thuiswerkplek in overeenstemming te brengen met de wet. Denk hierbij aan een bureau, een stoel, verlichting, beeldschermbril, etc. Het moet dan wel zo zijn dat de werknemer geen eigen bijdrage hoeft te betalen en daadwerkelijk thuiswerkt in het kader van de dienstbetrekking.

Suggestie

Voor veel bedrijven zal de verhoging van de vrije ruimte niet toereikend zijn om alle (extra) kosten hieronder te laten vallen, waardoor uiteindelijk een groot deel belast zal worden als loon onder de eindheffing. Dit is wat ons betreft een achterhaald uitgangspunt. Voor de invoering van de werkkostenregeling was het in kader van het thuiswerken mogelijk om als werkgever eens in de vijf jaar een belastingvrije vergoeding van € 1.815 aan de werknemer te verstrekken voor een thuiswerkplek. Wellicht moet deze oude regeling weer van stal gehaald worden, zodat goed werkgeverschap door middel van het bevorderen van een aangename thuiswerkomgeving wordt beloond. Helemaal als thuiswerken de norm wordt bij kantoorbanen.

De auteurs mr. M.J.C. Veerman RB en mw. R.A.C. Zwarthoed zijn als belastingadviseur verbonden aan Contaxus Belastingadviseurs te Volendam

Geschreven door Marco Veerman

Marco studeerde Fiscale Economie aan de Hogeschool van Amsterdam (HES) en Fiscaal Recht aan de Universiteit van Tilburg (UvT). In 2008 heeft Marco de Beroepsopleiding tot Mediator aan het Amsterdams ADR Instituut succesvol afgerond en is actief als mediator. Vanaf 1996 tot 2001 is hij werkzaam geweest bij Andersen. Daarna als vennoot bij Contaxus Belastingadviseurs. Zijn werkzaamheden bestaan voornamelijk uit de advisering op het gebied van internationale en nationale vennootschapsbelasting. Marco is lid van het Register Belastingadviseurs (RB) en de Vereniging voor Fiscale Mediation (VFM).

1 mei 2020